De Oude Rai

In augustus van het jaar 1972 begon The Who samen met de Golden Earring aan een Europesche tourdoor Duitsland België, Zweden, Oostenrijk, Zwitserland, Frankrijk, Italië en Nederland.

De Earring was op speciaal verzoek van The Who gevraagd om het voorprogramma van hun Europese tour te verzorgen. Volgens Kit Lambert en Pete Townshend hadden ze dat voornamelijk te danken aan het feit dat de Nederlandse band in 1966 spullen had geleend, toen The Who hun apparatuur wegens hevige mist niet per vliegtuig konden vervoeren.

De sfeer tussen de beide bands was zeer goed, zo goed zelfs dat er van een Japans, een Canadees en een Amerikaans vervolg gesproken werd. De tour gaf een flinke zet in de rug van de Earring, die speelden op plaatsen waar ze anders geen volle zalen zouden trekken. Op deze manier konden ze meer bekendheid opbouwen en ervaring in het buitenland opdoen.

George Kooymans

Muziek Expres, Nr. 166, oktober 1972

Ja heel veel ervaring.
Je merkt b.v. dat we wat installatie betreft een heel eind achter staan. Dat weet je van te voren al, maar je wordt nu nog eens extra met je neus op de feiten gedrukt. Zo’n instrumentarium is voor ons een haast onbetaalbare zaak. We waren overigens voor deze toer al van plan om andere betere apparatuur aan te schaffen. Zeker één die kan wedijveren met die van de Who.

Pete Townshend en Keith Moon hevig bezweet (foto: Henk Hulstkamp)

Barry Hay

Veronica 192, 2 augustus 1972

lk geloof niet dat het een voorprogramma is. Ik heb veel meer het gevoel dat we samenspelen. Daarbuiten vind ik het een eer. Ik vind het erg fijn dat de Who ons daarvoor gevraagd heeft. Verder geloof ik dat het onze naam goed zal doen, vooral in het buitenland. Denemarken, Zweden en Italië, daar waren we nog nooit geweest.

Roger Daltrey en een warm aangeklede John Entwistle (foto: Henk Hulstkamp)

Op 17 augustus speelden beide bands in de Oude RAl in Amsterdam dat door Mojo Concerts te Delft georganiseerd werd.

Het was vooral aan het doorzettingsvermogen van The Who te danken dat het concert doorging.
Tijdens hun bezoek aan België, waar zij een dag daarvoor in Brussel (Forest National) hadden gespeeld, hadden ze een steak genomen die met een zuurachtige saus overgoten was. Omdat deze saus bedorven was hingen ze de volgende dag gezamenlijk over de WC-potten van het Amsterdamse Okura Hotel waar zij verbleven. Hierdoor konden ze niet op de door Polydor georganiseerde persconferentie in de ‘Starlight lounge’ van hetzelfde hotel verschijnen. De band bleef op hun hotelkamers om krachten te sparen voor het concert van die avond en de leden vertrokken vlak voordat ze het podium moesten betreden naar de Oude Rai dat op een korte afstand van hun hotel lag. Nadat ze zich een korte tijd met bleke gezichten op de kleedkamers hadden afgezonderd, betraden ze om 21:45 uur het podium waar de Earring, die door Townshend als “fuckin’ great” bestempeld werd, zojuist een wervelende show had gegeven. Nog niet helemaal hersteld van de voedselvergiftiging zette The Who aarzelend I Can’t Explain in.


Rob Bakker

Veronica 192, 2 augustus 1972

Uit hun optreden bleek eveneens dat zij zich niet helemaal kiplekker voelen. De sprongen van Pete Townshend zijn niet van die formidabele hoogte, maar toch altijd goed voor een eerste prijs hoogspringen afdeling artiesten van de Koninklijke Nederlandse Hoogspringfederatie. Gutsend van het zweet, koortsig en moe als ze zijn, weten ze er toch een show uit te persen die zijn weerga niet kent.

Foto: Henk Hulstkamp

Mojo wilde het concert aanvankelijk niet in de Oude Rai laten plaatsvinden vanwege het weinige comfort. Het grootste probleem, het ontbreken van een deugdelijke ventilatie, werd opgelost door een gedeelte van de dakramen te verwijderen, maar de zomerhitte wist zonder problemen een grote greep op de zaal te krijgen en maakte het er voor de zieke Who-leden niet beter op. Pete bood al na een paar nummers zijn excuses aan voor het moeilijk op gang komen van de show. Hij legde uit dat de gehele band last van diarree en andere maag- en darmklachten had waardoor het spelen wat belemmerd werd. Het 10.000 man sterke publiek had het volgens de krantenberichten ook niet al te makkelijk. Volgens Theo Gerritse van het Parool hing er vanaf het begin al een gespannen sfeer.

Theo Gerritse

Parool, 18 augustus 1972

Zonder pardon werd een ieder in de buurt van het podium die na het voorprogramma van de Haagse Golden Earring de verstijfde ledematen wilde strekken, met een regen lege bierblikjes door het publiek achter in de hal tot de orde geroepen. De redelijkheid was zoek.

Naast de enorme hitte die in de zaal heerste, werd het zicht op de groep enige tijd ontnomen door een dik rookgordijn dat een bijdrage aan de show moest leveren. Verder kregen degenen die te dicht bij het podium stonden een groot aantal decibels te verwerken, wat niet erg bevorderlijk voor het gehoor was.

Na ‘I Can’t Explain’ en ‘Summertime Blues’ volgde een aantal nummers van ‘Who’s Next’. Begonnen werd met My Wife, waarna ‘Baba ORiley’, ‘Behind Blue Eyes’, ‘Bargain’ en ‘Won’t Get Fooled Again’ volgden.

Theo Gerritse

Parool, 18 augustus 1972

Zonder enig spoor van routineuze verveling soleerde Pete Townshend, soms bijgestaan door geluiden van een getapte Moog op gitaar en met zijn gepatenteerde schaarsprongen. Zanger Roger Daltrey was nog steeds goed bij machte zijn stem niet door het instrumentale te laten verdringen en droeg met zijn microfoonact, een belangrijk deel van de show. Bassist John Entwistle en drummer Keith Moon waren hartveroverend met hun stuwende spel. Moon bediende zich tijdens het concert nog steeds van zijn verouderde jongleurstreken maar zijn spel was volledig van deze tijd.

Nico Vechtman

Het Vrije Volk, 18 augustus 1972

Dat is allemaal niét nieuw, zoals iedereen die de nu alweer drie jaar geleden gemaakte film Woodstock heeft gezien kan beamen, maar er straalt toch iedere keer wéér zoveel vitaliteit van af dat het niet gaat vervelen.

Na het Who’s Next blok volgde ‘Magic Bus’, ‘The Relay’, en de twee laatste overgebleven nummers van ‘Tommy’: ‘Pinball Wizard’ en ‘See Me Feel Me’.

The Who, 1972 De Oude Rai – The Relay

De show werd bijgestaan door een goede lichtshow waarbij aan het eind van ‘See Me Feel Me’ felle lampen op het publiek gezet werden waardoor het publiek sensationeel reageerde en na een lange uitvoering van ‘My Generation’ en ‘Naked Eye’ als toetje had The Who een concert van een uur en een kwartier volbracht. 

Foto: Henk Hulstkamp

Peter D’Ancourt van de Haagse Courant schreef dat The Who een van de weinige groepen was die waar voor je geld gaven. Hiermee moet hij absoluut gelijk gehad hebben, want ondanks de slechte omstandigheden waarin gespeeld werd wist de groep hun publiek toch nog laaiend enthousiast te krijgen.